vrijdag 21 augustus 2015

Krijg de Kriebels


De stier komt recht op me af. Ik spreid mijn armen op schouderhoogte en roep: ‘Heu!’
Het beest laat nog wat macho gemurmel  horen, maar zwenkt dan af. De pinken, koeien die voor het eerst door een stier gedekt worden, verdringen elkaar in de met hekken afgezette hoek van de stal. Ze staan zo dicht op elkaar dat er één, over de kop van een andere poept. De stront loopt in haar ogen, die ze paniekerig wegdraait.

Mijn boer, een hulp en ik hebben de pinken in deze hoek gedreven, om ze te kunnen ontwormen. Dat is belangrijk voor hun gezondheid. De middelen die we hiervoor gebruiken, zijn echter niet zo goed voor het bodemleven. De beesten poepen het medicinale goedje uit, waarna de wormen en insecten in de grond, de volle laag krijgen.

Is het krijgen van wormen niet te voorkomen?

Alleen als je het vee altijd op stal zet. En dat willen we ook niet.

 Voor een soortgelijk dilemma, stelt ons momenteel een onooglijk slakje. Het is een parasiet die gedijt in natte gebieden. Onze koeien krijgen er leverbot van, een ouderwetse ziekte die met diepte-ontwatering niet meer voorkwam.

Wij hebben het waterpeil echter bewust verhoogt. Dat is namelijk goed voor het bodemleven en voor de leefomstandigheden van weidevogels. Nog een voordeel is dat het vee kan gemakkelijker uit de sloot kan drinken.

Maar het heeft dus ook nadelen.

Enfin. Vandaag zullen de pinken dus van hun wormen worden verlost. Mijn boer heeft een grote spuit, waarmee hij bij ieder beest, een afgemeten hoeveelheid medicijn, over de rug sproeit. Zo nu en dan roept hij mij, want sommige pinken zijn al drachtig en die moeten iets anders toegediend krijgen. Dat doe ik. De hulp heeft als taak de behandelde pinken de stal uit te jagen.

Het gaat niet goed. Onbehandelde pinken worden losgelaten en alles loopt door elkaar. Mijn boer schreeuwt onverstaanbare dingen naar me. De pinken dringen om me heen. Ik heb geen laarzen met verstevigde neuzen aan en ben bang dat ze op mijn tenen gaan staan. Voor de stieren ben ik trouwens op zich niet bang: die krijgen zoveel seks dat ze geen puf meer hebben.

Ik weet niet wat er van me verlangd wordt en kom in de verdrukking als de pinken, door alle consternatie, steeds wilder bewegen. Het lukt me de muur te bereiken en daar blijf ik, totdat het weer rustig is. Ik kan de instructies van mijn boer weer verstaan en heb genoeg vertrouwen, om ze ook op te volgen.

We krijgen de zaak weer onder controle en mijn boer knipoogt naar me:
‘Over een paar dagen kriebel aan je gat,’ zegt hij.
‘Wat?!’
‘Nou, je hebt jezelf ook ontwormd’ en hij knikt naar mijn handen die kleverig zijn van de medicinale vloeistof.

Shit! In een reflex veeg ik mijn handen af, aan m’n met stront besmeurde overall, maar dat helpt natuurlijk niet. Ik heb genoeg van dat spul op mijn huid gekregen, om een hele koe mee te ontwormen. Mijn boer trouwens ook.

‘We hadden handschoenen aan moeten doen!’ roep ik.
‘Ik heb beschermende kleding in de auto liggen. In de haast niet meer aan gedacht. Stom hé?’
‘Ja stom,’ zeg ik boos.

Dit overkomt me niet nog een keer. Als we bezorgd zijn over het bodemleven, dan moeten we ook ons lichaam serieus nemen.  Ik wil die rommel niet in mijn lijf! Het is een kleine moeite handschoenen en een waterdichte overall aan te trekken.

Hoe het moet met de bodem blijft een probleem. Daar kunnen we geen plastic laagje overheen leggen. Wat dan wel? De weerstand van het vee is natuurlijk belangrijk, maar misschien kunnen we ook kruiden gebruiken. Het moet toch mogelijk zijn onszelf, het vee én de natuur te beschermen?

En uh: nee. Tot op heden heb ik nog geen kriebel gevoeld.


Groentje




Geen opmerkingen:

Een reactie posten