dinsdag 5 maart 2019

Verhuizen




Verhuizen staat hoog in de top van de stress veroorzakende life events. We zijn namelijk allemaal gewoontedieren en een verhuizing zet alles op z’n kop.
Ik keek er ook best tegenop.

Koeien houden eveneens niet van verandering. Ze lopen bijvoorbeeld het liefst langs hun zelfgemaakte paadjes en kunnen beslist klokkijken. Toen we een melker kregen die graag naar harde muziek luisterde, vonden ze dat zo raar dat ze weigerden de melkstal in te gaan. Na verloop van tijd raakten ze echter aan de herrie gewend en lieten ze zich niet meer melken als het stil was. Gelukkig voor hen zijn de melkkoeien op hun oude plek gebleven.

Mijn boer en ik hebben ons woonhuis verruild voor dat van de zoon, een kilometer verderop. Hij is namelijk de bedrijfsopvolger en het leek ons goed, om dat ook fysiek duidelijk te maken. Daarom woont hij nu op de boerderij.

De dag dat we ruilden was nogal een logistieke uitdaging, maar inmiddels zijn we zo ver dat we dingen als schone sokken kunnen vinden. En ik heb een heuse maaltijd in elkaar kunnen flansen.
Die zitten we nu op te eten, terwijl we de staat van de appelboom bespreken, waar we vanuit de keuken, het zicht op hebben. Dan duikt er opeens een pink uit de struiken op. Dit dier is niet verhuisd, want op dit adres was al een aantal stuks jongvee ondergebracht en dat blijft gewoon zo.
“Niks aan de hand,” zegt mijn boer, “Ik zet hem zo weer terug.”

Later blijkt echter dat het beest heel wat op zijn geweten heeft. Door zijn escapade is de afrastering van de paarden en die van de varkens beschadigd. Maar daar komen we later pas achter.

Als mijn boer ‘s avonds de paarden wil opzetten in hun nieuwe verblijf, gaan ze er plotseling vandoor. Normaal neemt mijn boer de leidster bij haar halter en volgen de andere vier merries gewillig. Maar zo niet vandaag. Ze hebben maar één ding in hun edele hoofden: naar huis. En daar gaan ze, in galop. Omdat het al schemerig is, besluiten we dat ze dan nog maar een nachtje in hun oude boxen moeten slapen. Mijn boer fietst naar de boerderij, om ze daar op te vangen en veilig op te sluiten.

We gaan vroeg naar bed, maar ik kan de slaap niet vatten. De passerende treinen klinken zo akelig dichtbij. En ik kan de gedachte niet van me afzetten, dat ik iets onder het raam hoor rondschuifelen.

De volgende dag blijkt dat onze twee varkens ontsnapt zijn. Deze waren eergisteren al met de paardentrailer hier naartoe verhuisd.
Waar zouden ze zijn? vragen we ons af. “Hopelijk zijn ze niet naar het dorp gewandeld,” zegt mijn boer.
“Of over de spoorrails,” vul ik aan.

Dan belt de zoon.

“Zoeken jullie Smik en Smak?”
“Ja!”
“Die zijn hier. Ze lopen op het voerpad, van de kuil voor de koeien te vreten.”

Oost west, thuis best.
Dat geldt dus zelfs voor varkens.


Groentje