woensdag 3 oktober 2018

Hele vieze bio yoghurt



Als biologisch bedrijf wil je laten zien dat het anders kan. Organisaties die dat ook willen, haken daar op in. Nu worden we gevraagd vlees te leveren voor een congres over het behoud van weidevogels.

Er moet dus geslacht worden en daarvoor hebben we een mooie pink in gedachten. Het uitbenen wordt door de plaatselijke slager gedaan, terwijl het eigenlijke slachten in Groningen plaats zal vinden.

Ik overleg met deze slager over onze pink en probeer ondertussen ook nog een stier aan hem te verkopen. Maar daar heeft hij geen belang bij:
“Stieren zijn te taai. Die kan ik niet kwijt in het hogere marktsegment dat ik wil bedienen.”

Even later belt de veerijder over hoe laat hij komt. Hij heeft ook een vraag:
“Je hebt een koe voor de slacht?”
“Nee een pink.”
“Goed dat ik het weet, want die zijn lichter.”
“Ja. En lekkerder. Als wij een dier slachten, voor onszelf of onze klanten, moet het goed zijn,” ratel ik, nog helemaal in mijn verkoopstand, “Je wilt toch geen worstkoe in de vriezer!”
“Ha ha, nee, maar sommige boeren vreten alles. Slachten hun taaiste krengen en kauwen daar het hele jaar op. En de barbeques waar je soms voor wordt uitgenodigd… Daar gaat niet voor niets zoveel saus overheen!”

Blijkbaar heb ik een teer punt aangeroerd, want onze veerijder gaat helemaal los. Ik houd de telefoon wat verder van mijn oor, maar laat hem zijn gal spuwen.
Ik vind smaak namelijk ook belangrijk. En volgens mij zijn smaak en kwaliteit sleutels tot duurzaamheid. Als je bewust met eten bezig bent en geniet van kwaliteit, dan gaat je smaak vanzelf richting duurzaam geteelde producten. De meeste Nederlanders vinden hun eten echter al gauw prima en daarom is het altijd leuk medestanders te vinden. Vooral uit onverwachte hoek.

Trots begin ik over de smaak van onze zuivel en ook daar kan de veerijder over meepraten.
“Gisteren at ik yoghurt. Ik eet iedere dag yoghurt en de vrouw een bakje gele vla. Maar het smaakte zo eigenaardig. Ik kon het bijna niet wegkrijgen.”
“Was het bedorven?”
“Nee, het was biologisch.”

Ik slik even en moet dan lachen.

“Dat verklaart alles,” reageer ik. Mijn gesprekspartner hoort de ironie van mijn opmerking echter niet.
“Ja, het is anders en daar houd ik niet van.”
“Nu beledig je me een beetje, want wij zijn biologische melkveehouders.”
“O.”
Het is even stil aan de andere kant van de lijn.
Ik besluit van de gelegenheid gebruik te maken en vraag:
“Als je dinsdag toch onderweg bent… Zou je dan op de heenweg naar ons natuurgebied vijf weidekoeien kunnen afleveren?”
Hier kan de beste man nu geen nee op zeggen en ietwat beduusd, stemt hij in. 
We verbreken de verbinding.

Vaak is het jammer dat we niet allemaal op één lijn zitten, bedenk ik me, maar het houdt je wel scherp.


Groentje

Geen opmerkingen:

Een reactie posten